Iedere leerkracht kent het wel, van die kleine momenten van onrust die de vaart uit je les kunnen halen. Vaak zijn grote interventies niet nodig, maar maken juist de kleinste handelingen het grootste verschil. De inzet van low-level behavior interventies, helpen je om de regie in de klas te behouden, de focus bij de leerstof te houden en de relatie met je leerlingen positief te versterken. Ontdek hieronder 10 praktische technieken die jij kunt toepassen in de praktijk.
1. Regelgestuurd corrigeren
Focus op de afspraak, niet op de emotie. “De afspraak is: we werken in stilte.”
2. Positief framen
Dit is een techniek die je kunt gebruiken om hoge verwachtingen te stellen en vast te houden. Hierbij maak je gebruik van positieve bekrachtiging.
3. Non-verbaal & nabij
Moet je een leerling aanspreken? Doe dit zo klein mogelijk. Loop naar de tafel, leg je hand op de hoek of geef een korte knik.
4. Instructie + ‘dank je wel’
Geef een korte opdracht en sluit af met “Dank je wel”.
5. De 4:1 regel
Gedrag dat je aandacht geeft, groeit. Probeer vast te houden aan de 4:1 ratio: geef vier positieve bekrachtigingen voor elke correctie die je plaatst. Complimenteer niet alleen op resultaat, maar juist op de inzet en het proces.
6. Zoek nabijheid
Loop door de klas. bouw fysieke aanwezigheid alleen al verhoogt de taakgerichtheid.
7. Regelmatige check-in
Een korte “Lukt het?” of een duimpje omhoog houdt leerlingen ‘aan’.
8. Keep the flow of instruction
Corrigeer terwijl je doorpraat. Voorkom dat de hele les stopt voor één leerling.
9. Routines
Maak vaste routines voor bijvoorbeeld opruimen of binnenkomen. Voorspelbaarheid geeft rust.
10. Klassenmanagement
Een goede voorbereiding (spullen klaar, planning op het bord) voorkomt ruis.
Benieuwd naar meer interventies of direct hulp nodig in de klas? Neem contact met ons op. We helpen je graag!



